Het Theosofisch Genootschap

De kiemtheorie van ziekte

[Vertaling van een passage uit de reeks esoterische leringen die – in geredigeerde vorm – in Fountain-Source of ­Occultism (Bron van het occultisme) werd uitgegeven. Deze passage werd in dat boek niet op­genomen, maar is te vinden in Esoteric Teachings, Point Loma Publications, 1987, 8:62-3.]

. . . we moeten hier kort de ‘kiemtheorie van ziekte’ bespreken die in de moderne geneeskunde zo algemeen wordt aanvaard als verklaring voor de oorzaken van de meeste, zo niet alle, ziekten; deze theorie ligt aan de basis van het gebruik van vaccins en serums bij de behandeling van ziekten zoals pokken, tyfus, difterie, roodvonk, enz. Deze theorie wordt zo algemeen aanvaard dat, althans in één school van zogenaamde reguliere geneeskunde – ‘officiële’ geneeskunde zou het genoemd kunnen worden – inenting verplicht wordt gesteld als preventief middel tegen de een of andere ziekte of tegen al dat soort ziekten. In plaats van mensen te leren een goed leven, een zuiver leven, een onzelfzuchtig leven te leiden, wordt men bang gemaakt, gevolgd door het zich vrijwillig of, zoals vaak het geval is, verplicht onderwerpen aan inenting.

Niettemin bevat de ‘kiemtheorie’ enige waarheid, maar niet in die zin dat ziektekiemen of bacteriën de primaire oorzaken van ziekte zijn. Dit is niet zo; de leer van de esoterische wetenschap is dat ziektekiemen secundaire indringers, aaseters, zijn. Het is echter waar dat wat de moderne wetenschap kiemen, microben, bacteriën, enz., noemt, de zogenaamde metgezellen van ziekte zijn. Deze kunnen, hoewel ze de voortbrengselen of metgezellen zijn van een zieke lichaamsgesteldheid, ook ziekte veroorzaken in een ander wezen waarop ze kunnen worden overgebracht, hetzij via de lucht, via het voedsel, of door contact met vuil, of wat al niet. Maar zo’n microbe of bacterie of kiem kan niet leven in een organisme dat immuun is, met andere woorden, kan zich niet vermenigvuldigen in een organisme dat niet het primaire psychische zaadje van diezelfde ziekte in zich heeft. Als het zaadje zich al in het lichaam bevindt, vermenigvuldigt de kiem of bacterie zich, en dan begint de ziekte. Het is voor een mens onmogelijk een ziekte op te lopen tenzij het zaadje van die ziekte al latent in hem ligt.

Aangezien maar heel weinig mensen voldoende verlicht zijn om te weten of ze de zaadjes van de een of andere ziekte in zich hebben, moet men natuurlijk voorzichtig zijn. Dit betekent natuurlijk dat men geen dwaze dingen moet doen door zich onnodig aan infectie bloot te stellen. Sommige ziekten worden na verloop van tijd langzaam uit het lichaam gewerkt, zonder de dood te veroorzaken; maar ziekte kan kwaadaardig worden en mogelijk doden. Het gezonde verstand maant daarom tot voorzichtigheid. Aan de andere kant is onnodige angst een van de ergste dingen om met je mee te dragen. Deze opent de deur voor psychische infectie, die het organisme op haar beurt verzwakt.

– G. de Purucker, Esoteric Teachings, 8:62-3

Andere artikelen over geneeskunde

Andere artikelen over ziekte


Uit Impuls (Nieuwsbrief voor leden van het Theosofisch Genootschap), juli 2020, nr. 88.

2020 Theosophical University Press Agency