Occulte woordentolk
Een handboek van oosterse en theosofische termen
G. de Purucker

bestel boek

tweede herziene druk 2011

© 2011  Theosophical University Press Agency, Den Haag

 

      Inhoudsopgave     
   

 

– Y –

Yama (zie samadhi)

Yoga (Sanskriet)
Letterlijk ‘het zich verenigen’, ‘het zich verbinden’, enz. In India is het de technische naam voor een van de zes darsana’s of filosofische scholen, waarvan de oprichting wordt toegeschreven aan de wijze, Patañjali. De term yoga beschrijft het doel van deze school: het zich verenigen of één-worden met de goddelijk-spirituele essentie in een mens. Als de yogapraktijken goed worden begrepen op basis van onderricht door echte leraren – die zich nooit als openbare sprekers of door middel van boeken of advertenties bekend maken – worden ze geacht bepaalde extatische bewustzijnstoestanden teweeg te brengen die leiden tot een helder inzicht in universele waarheden; de hoogste van deze toestanden wordt samadhi (zie aldaar) genoemd.

Er bestaan een aantal vormen van yogabeoefening en training zoals karmayoga, hathayoga, bhaktiyoga, rajayoga, jñanayoga, enz. Soortgelijke religieuze aspiraties of praktijken bestaan eveneens in westerse landen, bijvoorbeeld wat verlossing door werken wordt genoemd, wat enigszins gelijkstaat met de karmayoga van de hindoes, of ook verlossing door geloof of liefde, wat een beetje lijkt op de hindoe-bhaktiyoga; terwijl zowel het Oosten als het Westen verschillende vormen van ascetische praktijken kennen die onder de term hathayoga kunnen worden gerangschikt.

Van geen enkel stelsel zou men ooit de yoga moeten beoefenen als deze niet onder de directe leiding staat van iemand die de gevaren kent van het zich bezighouden met het psychomentale deel van de samengestelde mens, want gevaren liggen bij iedere stap op de loer, en wie zich met deze dingen bezighoudt, roept waarschijnlijk onheil over zichzelf af, zowel wat zijn gezondheid betreft als zijn mentale evenwicht. De hogere vormen van yoga, zoals rajayoga en jñanayoga, die een strikte spirituele en intellectuele discipline inhouden, gepaard gaand met een warme liefde voor alle wezens, zijn echter volkomen veilig. In de ascetische praktijken, enz. – en de leringen die daarmee samenhangen – schuilt echter gevaar voor wie niet voorzichtig is, en daarom moeten ze zorgvuldig worden vermeden.

Yogi (Sanskriet)
Een yogi is iemand die vervuld is van toewijding, iemand die het yogastelsel of een of meer van zijn verschillende secundaire vormen volgt.

In sommige gevallen zijn yogi’s mensen die op verschillende manieren ernaar streven de lichamelijke en fysieke verleidingen te overwinnen, bijvoorbeeld door hun lichaam te folteren. Ze bestuderen ook in meerdere of mindere mate enkele van de prachtige filosofische leringen van India die uit een ver verleden stammen; door alleen maar mentale studie wordt een mens echter geen mahatma, evenmin als foltering van het lichaam zal leiden tot spiritueel inzicht – het verheven inzicht. (Zie ook yoga.)

Yuga (Sanskriet)
Een woord dat een ‘tijdperk’ betekent, een periode. Een yuga is een periode van aardse tijd; vier van deze perioden worden gewoonlijk opgesomd en weergegeven in ‘goddelijke jaren’:

1.
Krita- of satyayuga 4000
sandhya 400
sandhyamsa 400
–––––
4800
 
2.
Tretayuga 3000
sandhya 300
sandhyamsa 300
–––––
3600
 
3.
Dvaparayuga 2000
sandhya 200
sandhyamsa 200
–––––
2400
 
4.
Kaliyuga 1000
sandhya 100
sandhyamsa 100
–––––
1200
–––––––––
Totaal 12.000

Weergegeven in menselijke jaren is dit gelijk aan:

4800 x 360 = 1.728.000
3600 x 360 = 1.296.000
2400 x 360 = 864.000
1200 x 360 = 432.000
Totaal 4.320.000

Ons huidige ras bevindt zich in de vierde periode of het kaliyuga, vaak het ‘ijzeren tijdperk’ of ‘zwarte tijdperk’ genoemd. Er wordt gezegd dat deze is begonnen op het moment van de dood van Krishna, gewoonlijk gesteld op 3102 v.Chr. Er is een belangrijk punt in de leer over de yuga’s dat niet moet worden vergeten: de vier yuga’s, zoals hierboven geschetst, hebben betrekking op wat de moderne theosofische filosofie een wortelras noemt, hoewel een wortelras in feite van begin tot einde ongeveer tweemaal de totale duur heeft van de vier yuga’s zoals hierboven weergegeven. De yuga’s van de rassen overlappen elkaar echter, omdat elk nieuw groot ras ongeveer halverwege het ouderras wordt geboren, hoewel de individuele duur van elk ras is zoals hierboven is aangegeven. Omdat de rassen elkaar overlappen, kunnen een ras en het eropvolgende ras zich lange tijd gelijktijdig op de aardbol bevinden.

Omdat de vier yuga’s een afspiegeling in de menselijke geschiedenis zijn van wat er in de evolutie van de aarde zelf en van de planeetketen plaatsvindt, is hetzelfde schema van yuga’s ook op kosmische schaal van toepassing – satyayuga, tretayuga, dvaparayuga en kaliyuga volgen elkaar op in de evolutie van de aarde, en op een nog grotere schaal in de evolutie van een planeetketen. Natuurlijk zijn deze kosmische yuga’s veel langer dan de yuga’s van een ras, maar hetzelfde algemene schema van 4, 3, 2, geldt voor alle. Voor meer details over de leer van de yuga’s kan men H.P. Blavatsky’s De geheime leer en het boek van de huidige schrijver, Beginselen van de esoterische filosofie, raadplegen.

 


Occulte woordentolk, blz. 220-3

© 2011  Theosophical University Press Agency
Daal en Bergselaan 68, 2565 AG Den Haag